Bijeenkomst Omgevingswet: inzichten uit de praktijk (o.a. Rotterdam) en hete hangijzers om ‘het werkend stelsel’ werkbaar te maken

Afgelopen woensdag 6 februari ontvingen we bij ons in het WTC in Utrecht meer dan 25 projectleiders, managers en adviseurs uit publieke organisaties. Met ons en hun vakgenoten keken zij naar wat in de praktijk nodig (b)lijkt om een werkend stelsel te organiseren in het licht van de Omgevingswet.

Openingsbod van Ward Deckers 

Collega Ward Deckers gaf de aftrap. Hij poneerde de volgende stelling. ‘Gezien het grote verschil tussen de letter (wettekst) en de geest (verbeterdoelen) van de Omgevingswet kunnen organisaties de wet goed gebruiken voor verbetering op de plekken waar de organisatie dit het hardst nodig heeft’. Voor veel publieke organisaties is dat een soort ‘werkend stelsel’ als kort-cyclische wisselwerking tussen de nieuwe instrumenten uit de Omgevingswet. Ward onderstreepte het belang hiervan met een praktijkvoorbeeld van een uitvoeringsorganisatie. Die vergunde 48% conform beleid maar van de overige 52% werd 96% alsnog vergund. Is dit het failliet van beleid of Omgevingswet ‘avant la lettre’? Die prikkelende vraag stelde Ward hardop. Nee, het is in de praktijk vaak gebrek aan slimme wisselwerking tussen beleid en regelgeving betoogde Ward. De Omgevingswet biedt kansen om die slimmer en kort-cyclisch te organiseren, bijvoorbeeld via de instrumenten. Dit vraagt een focus op je maatschappelijke opgaven en het benoemen van scherpe omgevingsprogramma’s. Dat kan niet zonder slag of stoot, bleek ook uit het rumoer in de zaal, want kort-cyclisch werken met de Omgevingswetinstrumenten heeft veel impact op de organisatie. Huidige vormen van financiering en sturing stroken (nog) niet met de geest van de Omgevingswet.  

Collegetour met Gabor Everraert (gemeente Rotterdam) 

Om de theorie uit het openingsbod direct te vullen met voorbeelden gaf Gabor Everraert ons een inkijkje in zijn Rotterdamse praktijk. Die kent hij als projectmanager Omgevingsvisie voor de gemeente Rotterdam erg goed. Twee zaken die Gabor helpen om het Rotterdamse stelsel werkend te krijgen vielen daarbij op:

- Om tot een visie te komen werkt hij vanuit een waardenkader met vijf perspectieven (compacte, inclusieve, productieve, circulaire en gezonde stad). Wat helpt om de perspectieven concreet te maken is het centraal zetten van de uitwerking op gebiedsniveau met concrete gebiedsvisies.

- De experimenterende en onderzoekende houding helpt. In de werkgroep ‘werkend stelsel’ delen ambtenaren kennis en ervaring vanuit verschillende afdelingen om omgevingswetinstrumenten op elkaar te laten aansluiten. Niet vanuit een vast einddoel voor elk instrument, maar vanuit het doel om de instrumenten werkbaar te maken in de praktijk. 

Deelsessie I: werkend stelsel vanuit instrumenten Omgevingswet 

Waar houdt de omgevingsvisie op en begint het omgevingsplan? Hoe verdeel je jouw aandacht tussen visie, programma’s en plan binnen jouw organisatie? Vragen die vakgenoten in de praktijk bezighouden, zo bleek uit de workshop over dit thema. De gemene deler was de realisatie van het belang van het instrument ‘Programma’. Dat krijgt landelijk weinig aandacht ten opzichte van de instrumenten ‘Visie’ en ‘Plan’. Ten onrechte, concludeerden we met elkaar. Het is bij uitstek het instrument voor het realiseren van Omgevingswet-doelen en helpt je als ‘smeerolie’ tussen ‘Visie’ en ‘Plan’ aan een werkend stelsel. 

Deelsessie II: werkend stelsel vanuit het cyclische en integrale karakter van je organisatie

Welke ervaringen hebben vakgenoten uit Rotterdam, Utrecht, Den Bosch, Eindhoven, Altena en Utrechtse Heuvelrug met cyclisch en integraal werken in de praktijk? Waar botsen de uitgangspunten van de Omgevingswet met de interne organisatie? Hoe betrek je bestuurders? Hoe geef je participatie vorm? Via deze vragen zochten we in de workshop naar waar de praktijken verschillen en waar ze overeenkomen. Wat ons en de anderen opviel: de herkenbaarheid van de vraagstukken op hoofdlijnen en de verschillen een paar lagen dieper. Goed om hierop uit te (blijven) wisselen! 

Hoe nu verder; hete hangijzers

Met de invulling van de omgevingsinstrumenten gaat het in veel gemeenten de goede kant op. De echte uitdaging ligt echter bij het in de praktijk slim werkbaar maken van deze instrumenten. Wat daarvoor nodig is? Begin vandaag! Gebruik de Omgevingswet de komende tijd als momentum en middel om aan de slag te gaan met de organisatieontwikkeling op de plek(ken) waar jouw organisatie die het best kan gebruiken. 

Doorpraten?

Collega’s Jeroen Niemans, Ward Deckers, Janneke Oudenhoven, Quirijn de Kraker en Geert Lonterman kennen de praktijk vanuit verschillende publieke organisaties waarin zij samen met opdrachtgevers stappen zetten om het werkend stelsel Omgevingswet in de praktijk ook echt werkbaar te maken. Doorpraten over het werkend stelsel Omgevingswet? Benieuwd naar organisatieontwikkeling in het licht van de Omgevingswet? Kijken hoe je met elkaar slim een leertraject Omgevingsprofessional inricht? Neem dan contact met ons op.